← alle berichten
5 mei 2015 over mijzelf

En hoe is het nu met jou, 5 jaar later?

   Even een update 5 jaar later.

Ja ik weet het wel! Jou is niet gevraagd hoe het leven er over 5 jaar uit zou zien.

Mij ook niet hoor! En als mij 5 jaar geleden op deze dag was gevraagd hoe mijn leven er uit zou zien, had ik die vraag niet goed kunnen beantwoorden. 

Ik had gedacht dat ik mijn bed niet meer uit zou komen, mijn leven voorbij was en ik het never nooit alleen zou redden. 

Beetje gek hé dat ik dit nu zo met jou bespreek? Nou voor mij helemaal niet. 

Er zijn de afgelopen 5 jaar veel dingen die ik met jou heb besproken.

Nee niet hardop. Ik kijk wel uit, er zijn dingen die je niet met anderen deelt.

Gewoon in mijn hoofd, maar ook in dialoog met mijn kinderen. Oh sorry, onze kinderen. 

Ze lijken trouwens steeds meer op jou. Of liever gezegd op ons. Het zijn mooie volwassenen geworden. Net als jij, net als ons altijd zoekend naar antwoorden op vragen. Soms met ‘beren op de weg’ maar ook heel vaak relativerend en niet bang voor nieuwe uitdagingen. Natuurlijk hebben zij ‘diepe dalen’ gekend maar ze ‘doen’ het goed. Het zijn kanjers, het zijn ‘echte’ mensen. Ze stellen hoge eisen aan het leven en aan relaties en zijn zeker niet altijd makkelijk voor zichzelf en de ander. En ik kan het grote gemis van een vader niet opvullen. En natuurlijk weet ik dat het is zoals jij altijd zei:“Het is toch nie aers. Je moet het doen met wat er wel is.” Maar het doet pijn en blijft veel verdriet doen. 

En met mij, hoe het met mij gaat 5 jaar later? 

Eigenlijk ging het meteen het eerste jaar al ‘fout’. Hoe goed ik ook mijn best deed, het lukte me niet om de 5 fasen te doorlopen. 

Het maakte me onzeker. Onzeker werd ik overigens op veel vlakken en dat stond ook niet bij de 5 fasen van rouw. Onzeker of ik nog wel gevoel had, empathie kon opbrengen, nog wel ruzie zou durven maken. 

Oké dat heeft echt wel even geduurd hoor. Ik begreep dat het er weer ‘was’ toen ik me weer als vanouds over iets kleins kon opwinden. Ik weer met tranen in mijn ogen naar Spoorloos zat te kijken en ik geroerd kon worden door kleine dingen. 

Ruzie maken lukt niet meer zo goed. De kinderen missen dat. Ik laat ze ook teveel eigen keuzes maken, val niet meer over futiliteiten. Ik zou te makkelijk zijn geworden. 

Maar er was geen ontkenning,  geen boosheid, geen sprake van onderhandelen, geen depressie en ook geen aanvaarding. 

Hoe kun je ook iets ontkennen wat je zo gevoeld hebt. Letterlijk gevoeld, iemand heb voelen wegglijden naar de dood. Nee er was geen boosheid, wel verdriet maar we gunden je zo de rust en geen pijn meer hoeven voelen.

Dat onderhandelen kwam ook niet, tenminste ik heb er niets van gemerkt. Dat had ook geen zin gehad, onderhandelen kan alleen nog als je elkaar iets te bieden hebt. Ik kon jou niets bieden en jij kon mij niets meer bieden. Nou, dat is natuurlijk niet helemaal waar want je gaf mij de herinnering en het gevoel te weten wat echte liefde is/was. 

De depressie daar heb ik op zitten wachten en nog steeds ben ik bang dat me dat te pakken gaat nemen.

“Het zou toch moeten komen, je moet toch een flinke terugslag krijgen.” 

Hoe vaak me dat niet is verteld? En als iedereen het zegt, dan is het waar toch?

Dus misschien komt ‘het’ nog. En dan zegt natuurlijk iedereen:“Zie je wel.” 

Hoe het dan wel met me is gegaan? Ik ben gaan werken, veel op pad geweest, veel onderweg. Dat voelde goed en was ook meteen de enige raad die ik de afgelopen 5 jaar hebt opgevolgd. Doe wat goed voelt, dat weet je zelf het best. Sommigen zullen het vluchten noemen. Prima maar het werkte voor mij. En nu kom ik wat meer tot rust, gun ik mezelf om niets te doen. En dat voelt ook weer beter. Relaties aangaan is nog steeds ingewikkeld, bang om teleurgesteld te worden. Angst voor opnieuw verdriet. 

Ach weet je, uiteindelijk hebben we het allemaal op onze eigen manier gedaan. We praten veel over je. Heel veel en nog steeds. We voelen ons allemaal nog steeds thuis in ‘ons’ huis. Er is nauwelijks iets veranderd, qua inrichting dan. 

Er is natuurlijk ontzettend veel veranderd, teveel om op te noemen. 

Dit jaar zou ik twee jaar na jouw pensioen ook stoppen met werken. 

Weet je nog, onze droom? Nou dat gaat hem dus niet worden. Maar ik ga wel stoppen als schoolleider, niet met pensioen maar gewoon wat anders doen. 

Ik realiseer me heel goed dat ik die keus kan maken omdat jij alles goed had geregeld. Ik ben je er dankbaar voor, niet gevangen hoeven te zijn zonder keuzemogelijkheid, maar de vrijheid om mijn leven te herorganiseren. 

Ach weet je lief. Ik heb het al zo dikwijls gezegd als mensen vroegen hoe het met ons ging: 

“We doen het goed, we leven en genieten weer maar het zal nooit meer hetzelfde zijn.” 

Maar ik voel me niet meer schuldig, weet je?  

Dat ik weer kan lachen, ik weer van mezelf mag liefhebben, nieuwe uitdagingen aanga, vriendschappen sluit, ruzie durf te maken, wat zekerder word en heel af en toe een dag niet aan je denk. Want jij weet het, jij hebt het me altijd gezegd: 

“Je bent nog jong Kaat, zorg dat je leeft, geniet en dingen doet die voor jou belangrijk zijn.” 

Ach weet je lief? Ik blijf toch altijd van je houden. 

 

liefderouw